maandag 10 december 2018

Nadenkertje 6: 1 Johannes 5:18





Ik heb twee teksten in de Bijbel gevonden, die elkaar tegen lijken te spreken. Gaan jullie weer mee op onderzoek of dit ook echt zo is? 😉

Hier komt tekst 1:

Wij weten dat ieder die uit God geboren is, niet zondigt, maar wie uit God geboren is, bewaart zichzelf en de boze heeft geen vat op hem. (1 Johannes 5:18)

In 1 Johannes 1:8 lees ik iets heel anders, namelijk dit:

Als wij zeggen dat wij geen zonde hebben, misleiden wij onszelf en is de waarheid niet in ons.

Vraag: Spreken deze teksten elkaar tegen?

Ben benieuwd waar jullie weer mee gaan komen!

Veel zegen bij jullie onderzoek en een hele fijne avond nog!
Liefs van mij!
Anja


donderdag 6 december 2018

Dit leerden we vanuit 1 Kronieken 16:43





Heeee beste allemaal,
Het heeft even geduurd, de samenvatting... soms gebeurt er zoveel en is het zo druk in mijn hoofd, dat er gewoon geen plaats is voor bloggen of reageren op blogs. Dan laat ik alles even voor wat het is. Hopelijk (ik denk het vast wel) begrijpen jullie dat. 😊

Nu is de rust weergekeerd. Ik had ook wat strijd, dingen waar ik me druk over maakte. Of waarvan ik bang was, dat ik ze niet goed had gedaan. Van die nare dingetjes, die ik eigenlijk niet meer wil hebben. Ik zie, dat het juist gebeurt na een 'overwinning', na een mooie gebeurtenis waarin ik zo duidelijk de kracht van de Heer ervoer. Dan komt de boze mijn blijdschap roven en dat lukt hem helaas soms nog even ook. Maar vanmorgen, na een tijd lang te hebben gelezen in Gods Woord, het overdacht te hebben en stil te zijn geweest, kwam de rust. En heb ik hardop geproclameerd, dat Jezus Overwinnaar is en de Heer van mijn leven en huis. Ik heb alles verbroken, wat niet van Hem is. En Hem de eer en de dank gegeven. En toen was het goed en kreeg ik volkomen rust en vrede. Wat heerlijk toch, dat onze Vredevorst altijd weer klaar staat om ons op te vangen. Altijd. Dank U Heer!

Maar nu de samenvatting van alles wat we vonden over deze tekst:

'Toen ging al het volk weg, ieder naar zijn huis; en David keerde terug om zijn huis te gaan zegenen.'

Het ging om de volgorde: eerst God en dan je eigen huis, of dat wel oké is. Je kunt ook zeggen: eerst de kerk (tabernakel), en dan je eigen huis, is dat de goede volgorde?
Ik noemde de uitdrukking 'beginnen bij Jeruzalem', die was niet voor iedereen duidelijk. Dit is tegen mij een keer gezegd, toen ik nogal veel voor de Heer deed: Dat je eerst moet beginnen in Jeruzalem, dat wil zeggen: in je eigen huis en pas daarna werk voor de Heer mag doen. Eigenlijk is dat wel meer dan één keer tegen mij gezegd. Ik vind dat oprecht lastig, zeker als het om dingen gaat, die God, naar ik geloof, echt op mijn hart gelegd heeft. En ook omdat ik echt wil doen wat God zegt en daar ook biddend mee bezig ben. Maar dit is dus de achtergrond hiervan. Of de uitdrukking meer gebruikt wordt, weet ik eigenlijk niet eens.

Jullie zeggen unaniem en ik deel jullie mening, dat God op de eerste plaats moet komen in onze levens. Maar... ik heb nog wel een lastig dingetje....: ik heb altijd geleerd dat de volgorde van prioriteit moet zijn:

God
Gezin
Werk
Kerk
De rest

Dan is mijn vraag: Waar past wat David deed dan? Ik vind zelf bij 'God', maar ook bij 'kerk'.
En dat laatste is dan mijn 'probleempje', waarop ik in mijn vraag een beetje doelde: je gezin is toch belangrijker dan de kerk, om aandacht aan te geven?
Deed David het dan niet in de verkeerde volgorde, moest hij niet eerst zijn huis zegenen??

God zorgt
Olivia, jij noemt het werk van de missionarissen in jullie kerk, die moeten vaak op pad en dan hun gezinnen achter laten. Dat is een offer, wat ze brengen voor God. Jij zegt dat zo mooi: "Gods werk gaat voor, er moeten zielen gered worden. En dat van hun gezin is in goeie handen'. Dat is natuurlijk waar. Ik hoorde dat pas ook een spreekster zeggen, dat ze tegen God gezegd had: "Ik zal gaan Heer, maar alleen als U  voor mijn gezin zorgt. Daarna is ze meermalen op reis geweest en altijd zorgde de Heer voor haar gezin.

Eerst zelf ontvangen
Zo mooi ook wat Petrina noemt, dat David eerst de zegen zelf mocht ontvangen. Daarna kon hij die doorgeven, aan de mensen in de tabernakel, maar ook aan zijn gezin. Ik moest toen meteen denken, aan iets heel anders: 'je kunt de ander pas liefhebben, als je geleerd hebt jezelf lief te hebben.' Is hetzelfde principe: Eerst ontvangen, daarna uitdelen
Jij noemt ook, dat je merkt, dat je God makkelijk 'voor je karretje' kan spannen. Dat er in de mens nog iets van egoïsme zit. En ja, dat eigen 'ik' hè, daar moeten we steeds meer aan sterven. Niet ik ben het meer, die leeft, maar Christus leeft in mij.
Ik citeer uit Petrina's reactie: "God vraagt overgave en oprechtheid. Als ik doe wat Hij vraagt, kan ik het niet verkeerd doen. Hij mag de God van mijn leven zijn." En ja, daar zeg ik ámen op.
"Heer, U bent de Heer van mijn leven. Zeg maar wat ik doen moet en mag. Ik zal gaan waar U mij zendt."

Dag met God beginnen
Johanneke noemt het belang van de dag met God beginnen. En ja, hoe belangrijk! Elke dag mogen we zeggen: "Heer, hier is deze dag, Hij is van U. Ik ben beschikbaar, leid mij maar." Dan kan het niet verkeerd gaan. Je beschrijft heel open een situatie uit jouw leven, Johanneke. Dat raakt mij, als jullie zo open durven zijn. Dat vind ik heerlijk, ik voel dan onderling vertrouwen. Dank jullie wel daarvoor!
Jouw conclusie is, dat God ons niet veroordeelt, dat Hij kijkt naar ons hart. Dat sluit zo aan bij waar ik mee begon. Dat ik soms ook nog de angst heb, dat ik iets niet goed doe. Die angst is echter niet nodig. God verwijt ons nooit. Hij is zo ontzettend liefdevol en geduldig.
Ik citeer Johanneke nog even:
"Dat is denk ik waar het om gaat: dat je hart vol is van je hemelse Papa, of dat nu thuis is, in je gezin of in de kerk." Amen", zeg ik dan!

Vreugde
David wenste het Joodse volk het beste toe en ging daarna terug om zijn huis te zegenen, schrijft Aritha. Toen ontmoette hij ook de spot van Michal. Wat jij dan schrijft Aritha, raakte me:
"Davids hart stroomt over." Ik denk dat dit een heel belengrijk dingetje is. Davids vreugde!
Dan moet ik meteen denken aan de tekst:

"Wees niet bedroefd, want de vreugde van de HEERE, dat is uw kracht." (Nehemia 8:11)

Dat wist Nehemia en dat wist David. Als we de woorden van de Heer begrijpen, dan schept dat vreugde. (staat verderop in Nehemia) Aritha schrijft hierover: "Misschien is dat het wel: dat we zo graag willen delen, van al dat moois, dat God geeft." En dan is niets te gek, dan huppelen we misschien soms, net als David. Of we dansen. Verlang je daar ook naar, dat je je vreugde gewoon onbeschroomd kan/durf uiten? Ik wel!

Relatie
Rinske noemt tenslotte nog, dat dit geschreven staat over koning David, die een beeld is van de toekomstige Koning: Christus. Wij zijn geen koning en hebben geen verantwoordelijkheid over een heel volk. Maar wel over wat God op ons pad geeft natuurlijk. En dan komen we weer uit bij die volgorde. David had God bovenaan staan. Maar... dat hadden mensen soms ook, die later toegaven toch te vaak van huis te zijn geweest. Te vaak weg voor kerkeraadsvergadering zus en huisbezoek zo. Dan had toch het gezin meer prioriteit moeten hebben, toch? Snappen jullie een beetje wat ik bedoel? Het zit hem dan in dat rijtje. God staat geheel bovenaan en een aantal plaatsten daaronder komt de kerk. Maar dat werk voor de kerk is toch ook voor God?

Ik besluit met wat Rinske heel terecht opmerkt:
"Misschien moeten we niet te bang zijn om het verkeerd te doen. We mogen met God omgaan via relatie, niet zozeer door hoe het zou moeten."

Ach, en is dat niet wat we allemaal willen? Een relatie met onze liefdevolle God en Vader door onze Heere Jezus Christus. Heer, dat is wat wij willen! Leer ons Uw weg alstublieft, leidt ons in Uw waarheid en leer ons. Om Jezus wil! Amen.

Ik wens jullie een hele fijne avond toe.
Liefs van Anja

PS: ken jij de proclamatiekaarten van Derek Prince Ministries ook al? Ik vind ze mooi!









woensdag 21 november 2018

Nadenkertje 5: 1 Kronieken 16:43




Van de week stuurde iemand mij gedeelte door uit 1 Kronieken 16.  Vooral de laatste tekst viel mij op. Hieronder even de context.
David heeft de Ark van het verbond van de HEERE in Jeruzalem laten brengen. Ook heeft hij de eredienst geregeld in de tabernakel en de offerdienst. Als alles klaar is, gaat het volk naar huis en David ook. Dat staat in het slot van het hoofdstuk, in vers 43:

'Toen ging al het volk weg, ieder naar zijn huis; en David keerde terug om zijn huis te gaan zegenen.'

Vraag: Er wordt toch altijd gezegd, dat je thuis (of 'in Jeruzalem') moet beginnen? Pas daarna mag je naar je kerk, buurt, enz. En hier lezen we, dat David eerst voor de 'kerk' zorgt en daarna zijn huis gaat zegenen. Is dit dan wel de juiste volgorde? Hoe ga jij hiermee om, is het een worsteling voor je?

Veel zegen toegewenst bij de studie!
Groetjes van Anja


Dit leerden we vanuit Prediker 12:12






Dank weer voor jullie reacties n.a.v. het nadenkertje over de tekst uit Prediker. Mooi om te lezen allemaal. Hier weer de samenvatting voor jullie. Vinden jullie het leuk, als ik de linkjes naar jullie blogs vermeld in deze samenvatting? Zo ja, wil je mij dit dan laten weten?

Dit was de tekst:

'En wat boven dezelve is, mijn zoon! wees gewaarschuwd; van vele boeken te maken is geen einde, en veel lezens is vermoeiing des vleses.' (Statenvertaling)
'Maar, mijn zoon, wees gewaarschuwd, er komt geen eind aan het schrijven van boeken. Het bestuderen daarvan wordt tenslotte zeer vermoeiend.' (Het Boek)

De vragen waren:
- Vanwaar een 'waarschuwing' denk je? Is het zo erg dan om moe te worden van lezen of studeren?
- Is veel lezen/studeren af te raden?

- Wat denk jij dat deze tekst ons te zeggen heeft?


Gezien de strekking van het boek Prediker, concludeert Anne: 'Het leven moet je leven en niet alleen lezen.'
'Veel Bijbelkennis betekent niet automatisch, dat je een levende relatie met God hebt', voegt zij er aan toe. Ook Aritha schrijft dit in haar reactie. Zij noemt dat het woord 'studeren' connectie heeft met een Arabisch woord, dat zoveel betekent als 'gretig zijn naar'. Naar kennis in dit geval. Ik denk zelf, dat we hier meteen bij de kern komen, van wat Prediker ons wil zeggen. Als studie/kennis het doel is, dan schiet het Zijn (Gods) doel voorbij. Zijn doel is ons dichter naar Hem te trekken en niet dat we een hoofd vol kennis krijgen. Aritha noemt hierbij 1 Timotheüs 6:20:

'O Timotheüs, bewaar het u toevertrouwde pand, wend u af van onheilige, inhoudsloze praat en tegenstellingen van de ten onrechte zo geroemde kennis.'

Paulus schrijft zelfs, dat sommigen die deze kennis verkondigden, van de waarheid zijn afgeweken. Zou ook kunnen komen denk ik door wat Petrina aanhaalt: dat boeken niet door Gods Geest zijn geïnspireerd en de Bijbel wel. Door boeken kunnen we misleid worden. 
Ik denk dat deze tekst en ook die uit Prediker,  iets af doen aan het belang van Bijbelkennis. Het is juist ontzettend belangrijk om veel Bijbelkennis te hebben. Hoe kunnen we anders Gods Woord hanteren als zwaard? Hoe kunnen we anders in situaties waarin we geen Bijbel bij de hand hebben, kracht halen uit Gods woorden? Lezen in de Bijbel is daarom noodzaak. Maar oneindige discussies over van alles rondom de Bijbel en oneindig veel lezen in allerlei boeken rondom de Bijbel, kan afleiden van waar het uiteindelijk om gaat. Wat dat is, lezen we in het slot van Prediker 12, waar staat:

'Vrees God en houd u aan Zijn geboden, want dit geldt voor alle mensen.'

Olivia schrijft, dat het gaat om het aannemen van Jezus. Lezen en studeren brengt ons niet dichter bij onze redding, die kunnen we daarmee niet verdienen. Het is enkel genade
Wat God wil is dat we Hem eren en hoogachten, ook door het onderhouden van Zijn geboden. Al het andere is ijdelheid, zegt de prediker. Rinske noemt dit ook in haar reactie en verwijst naar Mattheüs 15:8:

'Dit volk nadert tot Mij met hun mond en eert Mij met de lippen, maar hun hart houdt zich ver bij Mij vandaan.'

Zij heeft zelf ervaren, dat studeren in Gods Woord 'ijdelheid' kan worden. Je kunt er  bijvoorbeeld 'prat' op gaan dat je zoveel weet en daarbij voorbij gaan aan je relatie met God. Ik citeer Rinske:
'Studeren kan omgezet worden in holle en loze woorden. Het kan zelfs uitmonden in twisten en scheuringen. Dat kan niet de bedoeling zijn. Gods Woord bestuderen moet gepaard gaan met liefde en gebed. Dit geldt ook voor het bestuderen van boeken.'

Ik zeg hier 'amen' op en bid of God ons hiervoor wil bewaren. 'Het gaat toch om U, om U alleen Jezus', komt bij me op. Dat is een regel uit een lied. Ik zoek het meteen even op....
Het past goed bij deze samenvatting vind ik, dus hier komt het:

(COUPLET 1)
De muziek vervaagt
langzaam wordt het stil,
dan kom ik bij U.
Met mijn grootste wens
iets te geven Heer
waar U blij mee bent.

(INTRO REFREIN)
Ik geef U meer dan een lied
want, een lied op zichzelf
is niet waar U naar verlangt.
U kijkt veel dieper in mij
door de buitenkant heen
doorgrond het diepst van mijn hart.

(REFREIN)
Ik wil terug naar het hart van aanbidding
en dan gaat het om U,
om U alleen Jezus.
Ik heb zo'n spijt van hoe ik ermee omging
want het gaat toch om U,
om U alleen Jezus.

(COUPLET 2)
Onvolprezen Heer,
U bent zoveel meer
dan ik zeggen kan.
Maar al ben ik zwak,
alles wat ik heb
leg ik voor U neer.

(INTRO REFREIN)
Ik geef U meer dan een lied
want, een lied op zichzelf
is niet waar U naar verlangt.
U kijkt veel dieper in mij
door de buitenkant heen
doorgrond het diepst van mijn hart.

(REFREIN)
Ik wil terug naar het hart van aanbidding
en dan gaat het om U,
om U alleen Jezus.
Ik heb zo'n spijt van hoe ik ermee omging
want het gaat toch om U,
om U alleen Jezus.
(Nog 1x het refrein)
God kijkt door onze buitenkant heen naar het diepst van ons hart. Daar gaat het Hem om!
Of ons hart oprecht is en op Hem gericht, op Hem alleen.

Ik wens jullie veel zegen bij het lezen in de Bijbel!
Groetjes van Anja








Nadenkertje 6: 1 Johannes 5:18

Ik heb twee teksten in de Bijbel gevonden, die elkaar tegen lijken te spreken. Gaan jullie weer mee op onderzoek of dit ook echt zo is...